Tim Reijnders werd op jonge leeftijd managing director bij Accenture en leidt daar de cybersecurity afdeling. Als hij drie eigenschappen van toppresteerders moet kiezen, kiest hij focus, emotionele intelligentie en ambitie. Perfectie noemt hij geen doel. De laatste tien tot twintig procent kost veel energie, terwijl klanten vooral tempo willen.
Tim Reijnders komt uit Maastricht, studeerde in Groningen en werkt al vijftien jaar bij Accenture. Vanuit Amsterdam is hij verantwoordelijk voor alles wat Accenture doet op het gebied van security, van strategie en implementatie tot managed services. In deze derde aflevering van What Great Looks Like vertelt hij aan Joeri Everaers, die zijn loopbaan volgt sinds hun studietijd in Groningen, hoe Accenture beslist wie promotie krijgt, waar hij op let in het laatste sollicitatiegesprek en waarom goede remmen je harder laten rijden.
V: Wat doet Tim Reijnders bij Accenture?
A: Tim Reijnders is vanuit Amsterdam verantwoordelijk voor de cybersecurity afdeling van Accenture. Dat omvat alles wat Accenture doet op het gebied van security, van strategie en implementatie tot managed services. Hij werkt er inmiddels vijftien jaar en zag het vak in die tijd veranderen van een vrij technisch domein naar een breder vak, waarin ook regelgeving een grote rol speelt. Hij komt oorspronkelijk uit Maastricht en studeerde in Groningen.
V: Waarom maakte Tim Reijnders zo snel carrière bij Accenture?
A: Hij noemt zelf drie dingen. Cybersecurity is een vakgebied dat enorm in opkomst is, dus er is veel vraag naar goede mensen. Daarnaast koos Accenture vroeg voor een combinatie van industriekennis en technische kennis. De ene groep consultants weet alles van security voor bijvoorbeeld banken of consumer goods, de andere groep bestaat uit technische experts in identity en access management, SOC of incident response. Samen vormen ze een matrix van domein en industrie. Reijnders past in het eerste profiel en kan goed zien wat klanten in een bepaalde industrie nodig hebben. En tot slot zegt hij dat er ook altijd een beetje geluk bij hoort.
V: Was de keuze voor cybersecurity een strategische zet van Tim Reijnders?
A: Nee, eerder toeval. Toen hij begon was cybersecurity nog niche en technisch, en zeker niet sexy. Wat hem dreef was een intrinsieke motivatie om Nederland veiliger te maken. Zijn scriptie ging al over hoe consumenten privacy enhancing technologies kunnen gebruiken om hun leven te verbeteren. Hij ziet dat organisaties sneller vooruit kunnen als hun security beter is, en vat dat samen in één beeld. Op het moment dat je goede remmen hebt, durf je ook harder te rijden. Dat de digitalisering nu door AI nog verder versnelt, maakt dat alleen maar sterker.
V: Welke eigenschappen hielpen Tim Reijnders om zich te onderscheiden?
A: Nieuwsgierigheid als eerste. Cybersecurity verandert zo snel dat de technologieën en oplossingen van vijftien jaar geleden volgens hem volledig op hun kop zijn gezet, en met AI moet het vak opnieuw nadenken over hoe security wordt ingericht. Daarbij moet de passie echt uit jezelf komen, zodat je in je vrije tijd artikelen leest om bij te blijven. Het tweede is een motief. Hij wordt blij als hij een probleem voor een klant kan oplossen. Bij Accenture komen klanten pas als hun problemen groot en complex zijn en ze het zelf niet meer kunnen oplossen, en juist dat vindt hij leuk om over na te denken.
V: Waarom is eenvoudig communiceren zo belangrijk in een complex vak als security?
A: Joeri Everaers noemt Reijnders' communicatie extreem sterk. Hij kent niemand die hem geen fijn persoon vindt om mee te werken, capabel maar niet bedreigend. Reijnders zelf legt het uit vanuit zijn vak. In de security wereld bestaan veel termen die heel cool klinken voor vrij eenvoudige problemen. Wie echt in de materie zit, kan het terugbrengen tot een simpel stappenplan van dit zijn de stappen om het probleem op te lossen. Dat helpt klanten meer dan jargon.
V: Bestaat er volgens Tim Reijnders één type toppresteerder?
A: Nee. Reijnders gelooft niet dat er één type consultant of medewerker is die succesvol is bij Accenture. Hij zoekt bewust verschillende profielen, van iemand die alles weet van identity en access management en hoe je dat toepast op AI, tot iemand die de specifieke security controls in de olie- en gasindustrie kent. Diversiteit gaat voor hem verder dan de verhouding man vrouw en omvat ook culturele achtergrond en technische kennis. Iemand die alle eigenschappen tegelijk heeft bestaat bijna niet, dus hij stelt teams samen waarin de profielen elkaar aanvullen. Ook de groep managing directors is divers, met inhoudelijke rollen zoals de zijne en rollen die de hele klantrelatie dragen.
V: Hoe beslist Accenture wie promotie krijgt?
A: Als groep. Twee keer per jaar zitten alle managers binnen zijn afdeling samen en bekijken ze alle analisten en consultants. Wie heeft goed gepresteerd en wie is klaar voor de volgende stap? Dat gebeurt op alle lagen. Hoe hoger je komt, hoe breder de beoordeling. Harde KPI's zoals sales tellen mee, maar ook hoe goed iemand een nieuwe service opbouwt, zoals OT security waar Accenture veel in investeert, hoe sterk de klantrelaties zijn en hoe iemand zijn eigen team laat groeien. Een leider moet niet alleen zelf vooruitgaan, maar zijn hele team een stap verder brengen.
V: Welke eigenschappen hebben goede leiders volgens Tim Reijnders?
A: Drie. Fouten durven maken en ze ook durven toegeven, zodat iedereen ervan kan leren. Inhoudelijke kennis, want wie een klantgesprek voert moet echt weten waar hij het over heeft als er een complex probleem op tafel ligt. En autonomie en ondernemerschap. Bij Accenture word je volgens hem behoorlijk vrijgelaten, je mag met elke klant praten en kunt het merk gebruiken om overal aan tafel te komen, met inhoudelijke experts op de kleinste onderwerpen als achtervang. Die vrijheid moet je wel liggen. Ondernemerschap noemt hij lastig om op te selecteren, maar heel bepalend voor je carrière.
V: Waarom is tachtig procent volgens Tim Reijnders vaak goed genoeg?
A: Omdat de laatste tien tot twintig procent heel veel energie kost, terwijl veel klanten vooral tempo willen maken. Liever snel beginnen, itereren, een fout maken en weer doorgaan. Wie in de planningsfase naar honderd procent wil, doet er veel langer over dan wie begint met de tachtig procent kennis die er al is. Hij noemt zichzelf redelijk nauwkeurig maar geen perfectionist. In security is risicogericht denken normaal. Geen bedrijf kan honderd procent veiligheid garanderen, dat is veel te duur, en een risico gaat bijna nooit naar nul. Het blijft een afweging van tijd, geld en moeite, al hangt het af van het project, want soms is er gewoon geen foutmarge.
V: Welke drie eigenschappen van toppresteerders kiest Tim Reijnders?
A: Uit twaalf kaartjes met eigenschappen koos hij focus, emotionele intelligentie en ambitie. Focus omdat er als leider elke dag zoveel te doen is dat een team dat alle kanten op gaat veel dingen net niet goed doet. Hij doet liever minder dingen heel goed. Emotionele intelligentie omdat hij met een heel diverse groep werkt en verschillende mensen op een verschillende manier moet kunnen motiveren. Ambitie koppelt hij aan passie, een inherente drive om dingen beter te maken. Veel mensen komen naar Accenture omdat ze niet alleen elk jaar dezelfde audit willen uitvoeren, maar het probleem ook echt voor de klant willen oplossen. Bernard Welten koos in de vorige aflevering ook focus als eerste kaart.
V: Hoe toetst Tim Reijnders ambitie, emotionele intelligentie en focus in een sollicitatiegesprek?
A: Het recruitmentproces bij Accenture heeft meestal drie gesprekken. De eerste twee zijn inhoudelijk, dus hoeveel iemand weet van een securityonderwerp en welke achtergrond iemand heeft in een industrie. Reijnders doet vaak het derde gesprek, en daarin gaat het om deze eigenschappen. Hij werkt zonder vaste vragenlijst en houdt het bij een gesprek. Hij vraagt waarom iemand in security zit en waarom iemand voor Accenture kiest, en toetst of dat de goede redenen zijn. Een vraag die hij vaak stelt is welk project iemand gedaan heeft waar hij het meest trots op is. Daarin zie je de ambitie en passie, maar ook de focus die iemand toen koos.
V: Welke eigenschap vindt Tim Reijnders het minst belangrijk?
A: Alle twaalf zijn relevant, zegt hij, al zitten er wat dubbelingen in. Pijnlijke keuzes durven maken klinkt zwaar, maar hij gelooft niet dat het altijd pijnlijke keuzes zijn. Wie goed uitlegt waarom een organisatie ergens staat of een andere afslag neemt, merkt dat het vaak meevalt. Ook afscheid nemen van mensen bleek in bijna al zijn gevallen van twee kanten te komen, en een eerlijk gesprek over of dit de juiste plek is, is dan juist een goed gesprek. Aanpassingsvermogen hangt volgens Joeri Everaers sterk af van de context, maar voor consultants die elke drie, zes of twaalf maanden naar een nieuwe klant wisselen is het wel belangrijk.
V: Moet je volgens Tim Reijnders vijftig of zestig uur per week werken om aan de top te komen?
A: Niet altijd. Joeri Everaers vraagt zich af of vijftig tot zestig uur per week een oude manier van denken is, al zegt zijn intuïtie dat het voor de echte top nog steeds een voordeel geeft. Reijnders vergelijkt het met topsport, waar de beste sporters ook het beste rust kunnen nemen. Hij gelooft in een stabiele inspanning over de tijd, met af en toe een piek voor een deadline of een opdracht die perfect moet. Die pieken geven zelfs energie, maar zijn op hoog niveau niet vol te houden, dus horen er ook rustigere periodes bij. En het hangt samen met passie. Als je je werk hartstikke leuk vindt, kost meer tijd eraan besteden ook minder energie.